De Wilg

Tekst: Marion de Boo | Cover foto: Babette van der Wijst | Overig beeld: ZHL & Pixabay Tekst: Marion de Boo | Cover foto: Babette van der Wijst | Overig beeld: ZHL & Pixabay
zondag 28 oktober 2018

Langs sloten en weilanden, in museum De Koperen Knop, in plantsoenen, in het logo van het Zuid-Hollands Landschap, langs de Oude Maas, in de duinen... Overal in onze provincie kom je wilgen tegen. Bovendien vinden allerlei planten en dieren in de knoestige bomen een veilig plekje.

Tekst: Marion de Boo | Cover foto: Babette van der Wijst | Overig beeld: ZHL & Pixabay Tekst: Marion de Boo | Cover foto: Babette van der Wijst | Overig beeld: ZHL & Pixabay

Wilgen zijn de meest voorkomende bomen in onze natte, voedselrijke delta. Al van oudsher, want ze zijn bijvoorbeeld te zien op schilderijen van diverse landschapsschilders uit de Haagse School (ca. 1860-1900).

Kampioen

Wereldwijd telt de wilgenfamilie zo'n 300 soorten. In Nederland groeien er ruim tien, waaronder kruipwilg en kraakwilg, katwilg, grauwe wilg en amandelwilg. Langs rivieroevers vind je de schietwilg, die minstens 30 meter de hoogte in gaat. Kampioen in Zuid-Holland, qua leeftijd en omtrek, is een schietwilg in het Ridderlaanplantsoen in Den Haag. Deze kanjer is zo’n 125 jaar oud en heeft op borsthoogte een omtrek van 6 meter 40. Momenteel is de boom ongeveer 15 meter hoog, in de stad wordt zijn hoogte in toom gehouden.

In de hoofdrol

Elders in de provincie, in museum De Koperen Knop in Hardinxveld-Giessendam, speelt de wilg in de tentoonstelling ´Denkend aan Holland´ een hoofdrol. “Knotwilgen zijn beeldbepalend in het veenweidenlandschap, maar de laatste jaren is hun aantal dramatisch achteruitgegaan,” vertelt museummedewerker Dick de Jong. “Elke winter verdwijnen er meer uit de weilanden, omdat hun onderhoud te kostbaar wordt.”

Nuttige boom

Vroeger leverden knotwilgen allerlei nuttige zaken voor op de boerderij en in huis. Er werden gereedschapsstelen van gemaakt, takken voor hekwerk, manden en klompen. Bovendien boden knotwilgen beschutting aan het vee en beschermden ze de oevers tegen afkalving. Die beschutting en bescherming geven ze overigens nog steeds. De Jong: “Klompen van wilgenhout waren goedkoop en waterdicht, al gingen ze wat korter mee dan klompen van populierenhout. Knotwilgen omzoomden ook de hennepakkers waarvan er in deze regio veel waren. Hennep werd verbouwd om touw te maken en een havenstad als Dordrecht had in vroeger eeuwen voor de vele zeilschepen heel wat touwwerk nodig! De knotwilgen beschermden de hoge hennepplanten tegen de wind en na de oogst werd de hennep tegen de wilgenstammen te drogen gezet.”

De Jong vindt het jammer dat de wilg terrein verliest. “In holle knotwilgen broeden bijvoorbeeld steenuilen en eenden nestelen in de kruin. Helaas zien veel moderne boeren de knotwilg alleen nog maar als kostenpost. Gelukkig zijn er in de provincie heel wat vrijwilligersgroepen actief, die aan het eind van de winter de knotwilgen met takkenzaag en snoeischaar te lijf gaan.”

Deltawerken

In de tuin achter museum De Koperen Knop vind je onder andere ‘snijgrienden’ en ‘hakgrienden’. “Grienden”, vertelt De Jong, “waren vochtige akkers, vaak dicht bij rivieren, waarop wilgenhout werd verbouwd. In snijgrienden werden de jonge wilgentakken elk jaar afgesneden, van die soepele twijgen kon je bijvoorbeeld manden vlechten. Hakgrienden werden jaarlijks zo gesnoeid, dat de sterkste twijgen bleven staan. Om de drie tot vier jaar werden dan zwaardere wilgentakken geoogst die je voor allerlei doeleinden kon gebruiken.”

Veel wilgenhout is gebruikt tijdens de bouw van de Deltawerken. Van de taaie, stevige wilgentakken werden enorme matten (‘zinkstukken’) gevlochten. Zo’n zinkstuk moest de bodem onder water beschermen tegen stromingen en erosie. Voor de echte wilgenfan is het leuk om te weten dat uit de griendcultuur, die al minstens 2300 jaar oud is, allerlei wilgenvariaties zijn ontstaan. De kruisingen leverden mooie namen op, zoals Duitse dot, Belgisch rood, Frans geel en Amerikaantje.

Bever

Langs de grote rivieren zijn nog steeds grienden te vinden, zoals de Rhoonse en Carnisse Grienden. Deze gebieden vormen een groen lint langs de Oude Maas. Ook Klein Profijt, beheerd door het Zuid-Hollands Landschap, is onderdeel van die groene zoom waar eb en vloed tweemaal daags voor een enorme dynamiek zorgen. In dit milieu gedijen wilgen goed, ze houden van natte voeten. Omdat de wilgen niet meer gehakt of gesneden worden, groeien ze hoger en hoger. Bij opkomende vloed zie je dat het water zijn weg zoekt door prielen en geulen, er zijn slikkige oevers, waar allerlei moerasvogels en ook bevers hun sporen nalaten. Die bevers  voelen zich helemaal thuis in het wilde wilgenbos. Zij knagen jong en oud hout af en bouwen hun burchten van de verzamelde takkenbossen.

Vogels, planten, insecten

In de doorgeschoten wilgenbossen broeden bovendien purperreiger en lepelaar, baardmannetje en kwak. Je vindt er bijzondere planten, zoals knalgele spindotters in het voorjaar. Daarna bloeien zomerklokje, bitterzoet, haagwinde en hop. Op de vochtige stammen vormen allerlei mossen en korstmossen soms hele tapijten.

De nectar in de wilgenkatjes trekt vroeg in het jaar bijen en vlinders aan. Sowieso doet de wilg het goed bij insecten, zo'n 450 insectensoorten voelen zich er thuis. Ook huisvesten wilgen veel soorten gallen, bijvoorbeeld veroorzaakt door galwespen en galmuggen. Je vindt er rupsen van de hermelijnvlinder en het kameeltje, het roesje en het rood weeskind. (Die laatste soort draagt dezelfde kleuren - rood en zwart - als vroeger de Amsterdamse weeskinderen; een grappige gast dus in onze provincie.) De opvallend grote, kale wilgenhoutrups graaft lange gangen in het hout, waardoor de boom wordt verzwakt en uiteindelijk in een windvlaag kan afbreken. Ook de wilgensnuitkever, de satijnvlinder en allerlei wilgenhaantjes kunnen schadelijk zijn. Gelukkig is de wilg een taaie rakker.

Wandelen: Groene lint langs de Oude Maas

Wilt u het landschap van grienden vol wilgen zelf ervaren? Het Zuid-Hollands Landschap zette een wandelroute (15,5 km) uit langs de Oude Maas. Klik hier om de route te downloaden.

Handen uit de mouwen

Tijdens de Natuurwerkdag 2018 op zaterdag 3 november kun je op verschillende plekken in het Zuid-Hollands Landschap je handen uit de mouwen steken. Kom wilgen knotten, snoeien, zagen en opruimen samen met veel andere vrijwilligers! Naast hard werken willen we vooral met z'n allen op een gezellige manier de vele klussen klaren. Help je mee?

Ja, ik help mee op 3 november!